Algemene Dierenkliniek Randstad

03-322 78 11 - Frans Beirenslaan 155, 2150 Borsbeek

Mastceltumor bij de hond

Wat zijn mastcellen?

Een normale mastcel maakt in ons lichaam onderdeel uit van ons afweersysteem. In het bijzonder tegen parasieten (dit in tegenstelling tot virussen en bacteriën). Ze zijn dan ook voornamelijk terug te vinden in de weefsels die grenzen aan de buitenwereld, zoals onze huid, ademhalingsstelsel en verteringsstelsel. Mastcellen circuleren niet in ons bloed zoals andere afweercellen.

Een mastcel bevat een groot aantal granules, die ontstekingsstoffen bevatten, zoals histamine en heparine. Als een mastcel in contact komt met een parasiet, zal hij deze giftige stoffen uit zijn granules vrijlaten: deze stoffen zijn schadelijk voor de parasiet en bovendien waarschuwen ze de andere afweercellen in ons lichaam dat er een strijd aan de gang is, opdat deze kunnen komen helpen.
Een mastcel onder de elektronenmicroscoop

Deze cellen kunnen dus ook ontaarden in tumorcellen en groeperen tot mastceltumoren (of mastocytoma). Deze cellen zijn onstabiel en kunnen bij de minste prikkeling (en dus niet alleen bij contact met een parasiet) hun granules vrijlaten.

Voorkomen

Mastceltumoren (MCTs) zijn de meest voorkomende huidtumoren bij de hond (16-21%). Deze tumoren worden vooral gezien bij honden van middelbare leeftijd, maar zijn beschreven bij dieren van 3 weken tot 19 jaar!

Zij kunnen voorkomen bij alle rassen, maar een aantal rassen zijn er erg gevoelig aan, zoals Boxers, Staffordshire Bull Terriërs, Labradors, Golden Retrievers, Mopshonden, Weimaraners, Shar Pei’s, Boston Terriërs, Beagles en Schnauzers.

Hoewel Boxers een verhoogd risico hebben op het ontwikkelen van MCTs (zij vertegenwoordigen bijna de helft van alle honden met MCTs!), hebben zij over het algemeen de beter gedifferentieerde vorm en hebben daarbij ook een gunstigere prognose. Shar Pei’s daarentegen hebben vaker agressievere vormen.

Pathologie

Er is een grote variatie in de histologische graad van deze tumoren en studies hebben uitgewezen dat deze graad belangrijk is voor het gedrag van de tumor en het klinisch verloop.

Klassiek worden de tumoren onderverdeeld in 3 groepen: goed-gedifferentieerd (graad 1), intermediair (graad 2) en anaplastisch of ongedifferentieerd (graad 3).

Ook bepaalt de graad hoe snel een mastceltumor zal uitzaaien: een goed-gedifferentieerde tumor zal maar in 10% van de gevallen uitzaaien, terwijl een ongedifferentieerde tumor uitzaait in 55-96% van de gevallen.

Een patholoog zal behalve de graad, nog andere parameters nakijken, zoals de mitoseindex en bepaalde markers, en of de tumor volledig verwijderd is tijdens de operatie. Al deze parameters helpen de dierenarts om te bepalen of uw dier nabehandeld moet worden of niet.

Het ‘gedrag’ van de tumor

De overgrote meerderheid zal eerst uitzaaien naar de lokale lymfeklieren, en daarna naar lever en milt. Andere organen kunnen ook betrokken zijn, maar longuitzaaiingen zijn erg zeldzaam.

Tumorale mastcellen kunnen teruggevonden worden in het bloed of beenmerg als de tumor erg verspreid is in het lichaam: dit wordt vooral gezien bij ongedifferentieerde MCTs in de inwendige organen.

Er kunnen tevens complicaties optreden als gevolg van het loslaten van de actieve stoffen die opgeslagen liggen in de granules: maagdarmzweren worden vaak gezien: in 35-83% van de gevallen. Stollingsstoornissen kunnen voorkomen na vrijlating van heparine. Ook een vertraagde wondheling, na het verwijderen van een MCT, wordt gezien.

Klinische symptomen

MCTs staan bekend als ‘the great pretender’, omdat ze eender welke vorm kunnen aannemen: ieder bultje in of op de huid is dus verdacht totdat het tegendeel bewezen is! Zo kunnen MCTs soms verkeerdelijk worden aanzien als een vetgezwel. En dus is het belangrijk om elk huidgezwel (ook al is hij klein of loszittend) te laten nakijken door middel van een punktie!

Meestal zijn deze tumoren solitair, maar in 11-14% van de gevallen kunnen er meerdere tumoren gelijktijdig voorkomen.
Goed-gedifferentieerde tumoren zijn over het algemeen solitair, 1-4 cm groot, groeien traag, zijn zelden geulcereerd (maar de hartjes op die plaats zijn wel vaak verdwenen) en zijn vaak al lange tijd aanwezig (soms zelfs al jaren!).
Ongedifferentieerde tumoren daarentegen zijn snel-groeiende gezwellen, kunnen erg groot zijn, zijn meestal geulcereerd en veroorzaken irritatie. Vaak zijn de omgevende weefsels ook ontstoken en oedemateus en kunnen er ‘satelliet knobbels’ aanwezig zijn.

MCTs worden meestal gezien op de flanken (50-60%), kunnen voorkomen op de poten (25%) en hoofd en nek: erg zelden komen ze ook voor op andere plaatsen zoals de oogslijmvliezen, speekselklieren, neusholte, keelholte en mondholte.

Honden met MCTs kunnen complicerende klinische symptomen hebben zoals gevolg van de vrijlating van de actieve stoffen uit de granules (zoals histamine en heparine):

  • ‘Wheal and flare’ reaktie (Darier’s sign): het kan lijken alsof de MCT toeneemt in grootte en plots weer kan verdwijnen, om vervolgens weer te verschijnen. Dit wordt veroorzaakt door de vrijlating van histamine (dit geeft een lokale zwelling) en heparine (dit geeft een lokale bloeding)
  • Maagdarmzweren (zoals hoger beschreven) als gevolg van histamine vrijlating: dit geeft braken (soms met bloed bij), niet meer eten, diarree, zwarte stoelgang (melena) en buikpijn.

Prognose

  • Histologische graad: de belangrijkste prognostische factor. De overgrote meerderheid van honden met goed-gedifferentieerde tumoren (80-90%) en ongeveer 60-75% van de honden met intermediaire tumoren zijn lange overlevers na volledige chirurgische verwijdering van de tumor. Honden met ongedifferentieerde tumoren sterven vaak binnen 6 maanden na chirurgie door terugkomen van de tumor of door uitzaaiingen.
  • Mitoseindex: als de mitoseindex < 5, is de gemiddelde overlevingstijd na adequate chirurgie meer dan 5 jaar. Indien de mitoseindex > 5, ligt de gemiddelde overlevingstijd rond de 6 maanden.
  • Lokalisatie van de tumor: tumoren die voorkomen aan de voorhuid (peripreputiaal), in de liezen (inguinaal), aan het nagelbed (subunguaal), rond de anus (perianaal), in de mondholte (oraal) en op andere slijmvlies-huidovergangen hebben een slechtere prognose. Bij aantasting van inwendige organen of het beenmerg is er sprake van een zeer slechte prognose.

Diagnose

De diagnose van een MCT is relatief eenvoudig. De dierenarts kan op consultatie reeds een eenvoudige punktie doen van een gezwelletje en direct de diagnose stellen van MCT. Dit komt omdat, zoals eerder vermeld, de mastcellen vol granules zitten en deze zijn zeer goed te herkennen onder de microscoop (als paars gekleurde bolletjes).
Een uitstrijkje van een mastceltumor met granules

De verdere diagnose (graad, mitoseindex, en andere markers) gebeurt pas in het laboratorium door de patholoog en deze heeft hiervoor de volledige tumor nodig – een biopsie is vaak onvoldoende om een definitieve diagnose te stellen.

Tenzij er negatieve factoren aanwezig zijn (zoals een snelgroeiende tumor, of een ongunstige lokalisatie…), wordt er meestal geen verder onderzoek gedaan – indien ze wel aanwezig zijn, kan dat duiden op een graad 3 tumor en wordt er eerst verder gekeken of er geen uitzaaiingen aanwezig zijn.

Behandeling

De eerste keus behandeling van een MCT is chirurgie. Met chirurgie kunnen de meeste honden met een MCT genezen worden. Indien de dierenarts rekent op chirurgie om uw hond te behandelen, is het dus zeer belangrijk dat de tumor in één keer volledig wordt verwijderd. Deze tumoren presenteren zich als het puntje van de ijsberg: wij zien enkel het topje dat boven de huid uitsteekt, maar onderhuids zijn er nog vele uitlopers aanwezig. Het spreekt voor zich dat deze ook verwijderd moeten worden, want als deze blijven zitten, kan van hieruit een nieuwe tumor aangroeien. Dit houdt in dat er rondom de zichtbare en tastbare tumor een zone van 2-3 cm van normaal uitziend weefsel wordt weggehaald.
Een twee centimeter grote mastceltumor in de hals Een afgetekende mastceltumor in de hals Het litteken na het verwijderen van de MCT

Als een tumor niet volledig verwijderd blijkt te zijn, zijn er 2 opties: opnieuw opereren en terug 2-3 cm wegnemen rondom het oude litteken.
Littekenrevisie indien de tumor niet volledig werd verwijderd

Dit is echter nier altijd mogelijk (bijvoorbeeld op de poten): dan kan er radiotherapie uitgevoerd worden: dit geeft vrijwel dezelfde resultaten als chirurgie, maar hier hangt wel een serieus prijskaartje aan vast.

Soms blijk teen tumor zeer agressief te zijn of misschien zelfs al uitgezaaid. In die gevallen zullen we met medicatie (chemotherapie of bepaalde receptorblokkers) proberen uw dier te behandelen.